Sjabbat Chanoeka, Mikeets

Sjabbat Chanoeka, Mikeets, 20 december 2025/ 30 kislev 5786

Beresjiet/Genesis: 1e sefer: Beresjiet 41: 1 – 52; Tanach blz. 91 – 94.

                               2e sefer: Beresjiet 1: 14 – 19; Tanach blz. 4 – 5.

Haftara:  Zecharja 2: 14 – 4: 7; Tanach blz. 1214 – 1217.

Vertaler: Paula Reisner

Coördinatie: Harry Polak

Commentaar:rabbijn Turi Tulin, Temple Micah, Washington (VS)

Oorspronkelijke Engelse tekst

Use the link to read the original text in English.  

_________________________________________________

Leren je mond open te doen

Het leven van Joseef was tot nu toe zwaar. Maar in het gedeelte van deze week, Mikeets, verandert Joseefs leven ten goede: niet alleen verbeteren zijn externe omstandigheden, hij begint ook voor zichzelf op te komen en begint emotioneel te genezen van het misbruik dat hij heeft meegemaakt. Wanneer Joseef uit de gevangenis wordt vrijgelaten en voor de farao wordt gebracht, interpreteert hij vol vertrouwen de dromen van de farao en maakt hij plannen voor de komende hongersnood (Beresjiet/Gen. 41:26 – 37).

Joseef moet een bijzondere verschijning zijn geweest aan het hof van de farao: een jonge slaaf, rechtstreeks uit de gevangenis gehaald, die als gelijke met de farao sprak en hem een zevenjarenplan uitlegde. Wanneer de gereserveerde Joseef voor het eerst zijn ideeën voor de bestrijding van de hongersnood presenteert, aarzelt hij niet om dit vol vertrouwen en moedig te doen.

Joseefs charisma en zelfvertrouwen in deze context contrasteren scherp met zijn eerdere reacties (of impliciete non-reacties) toen hij werd aangevallen of mishandeld. Let op zijn geschiedenis tot nu toe:

  • Toen zijn broers zijn mantel afnamen in Beresjiet/Gen. 37: 23, zei hij niets.
  • Toen zijn broers hem in de put wierpen (Beresjiet/Gen. 37: 24), zei hij niets.
  • Toen zijn broers hem als slaaf verkochten (Beresjiet/Gen. 37: 28), zei hij niets.
  • Toen zijn nieuwe meester de beschuldigingen van zijn vrouw in Beresjiet/Gen. 39: 19 geloofde, zei hij niets.
  • Toen de schenker hem in Beresjiet/Gen. 41: 23 vergat, zei hij niets.

Het is natuurlijk ook mogelijk dat de antwoorden van Joseef niet belangrijk werden geacht voor het verhaal en daarom niet zijn vastgelegd. Bij de interpretatie van de Tanach is het echter heel gebruikelijk om zelfs in de kleinste details betekenis te vinden. In dit geval hebben we vijf verschillende voorbeelden van misbruik gevolgd door stilte, wat gezien de frequentie ervan veelzeggend lijkt.

Vroeger, wanneer mensen hem uitbuitten, werd Joseef passief en zwijgzaam. Passiviteit is een typisch verdedigingsmechanisme van mensen die misbruikt zijn. In Joseefs geval lijkt passiviteit ook een familietrekje te zijn. In Wajisjlach moest Joseefs vader, Jaäkov, ook zijn aangeleerde passiviteit overwinnen om zijn oom Lavan en zijn broer Esav te confronteren.

In de sidra van deze week vindt Joseef eindelijk de kracht om te spreken, zij het boos, wanneer hij geconfronteerd wordt met hen die misbruik pleegden. Hij is boven zijn passiviteit uitgestegen. Als zijn broers arriveren, doet hij alsof hij alsof zij vreemden voor hem zijn en spreekt hij op barse toon tegen hen (Beresjiet/Gen. 42: 7). Hij gaat zelfs zo ver dat hij hen drie dagen gevangen zet. Eindelijk zien we hoe Joseef zijn woede toont, maar nog niet tot mededogen in staat is.

Ik vermoed dat de dagen van de gevangenschap van zijn broers een periode van introspectie voor Joseef waren. Misschien realiseerde Joseef zich, terwijl hij over het lot van zijn broers nadacht, dat hij zijn familie miste, met name zijn vader. Mogelijk besefte hij zelfs dat hij zijn broers miste, ondanks alles wat ze hem hadden aangedaan.

Joseef heeft die tijd mogelijk ook gebruikt om zijn eigen rol in het familiedrama onder ogen te zien. Hoewel niets misbruik kan rechtvaardigen, realiseerde hij zich misschien dat hij zich niet bewust was van de pijn van zijn broers toen hij opschepte over zijn dromen.

Een deel van Joseefs genezingsproces bestaat uit het confronteren van zijn broers en het nemen van maatregelen om zichzelf adequaat te verdedigen, in plaats van terug te vallen in zijn gebruikelijke passiviteit. Zijn grootste persoonlijke groei vindt plaats wanneer hij mededogen voor zijn broers voelt en hen vergeeft. De eerste stap daartoe is echter het erkennen van zijn woede en de erkenning dat die terecht is.

We erven allemaal patronen van onze familie van herkomst, patronen die zowel nuttig als soms schadelijk zijn. Echte groei komt voort uit het leren hoe je die patronen op een gezonde en helende manier onder ogen kunt komen. De eerste stap in dat proces is het erkennen van de waarachtigheid van de relatie en het erkennen van onze eigen gevoelens als geoorloofd. De volgende stap is het vinden van de moed om mededogen te tonen.